maandag 22 april 2013

Afvalscheiding moet beter

De afgelopen jaren heeft Haarlem een achterstand opgelopen in het scheiden en ophalen van afval. Veel grote gemeenten hebben de scheiding van grondstoffen bij de bron boven de 40 % terwijl Haarlem blijft steken op 37 %. Dat moet snel anders, al was het maar omdat onze stad op andere terreinen zoals zonne-energie, woningisolatie en groen gas vooroploopt en we in 2030 klimaatneutraal willen zijn.


De laatste maanden is gewerkt aan een plan om duurzaam afvalbeheer mogelijk te maken door veel meer afval gescheiden in te zamelen en minder afval te verbranden. Om te voldoen aan de landelijke richtlijnen moet Haarlem binnen drie jaar 45% van al het huishoudelijk afval scheiden. De plannen worden in mei besproken in de commissie Beheer. Daarbij kan gekozen worden uit drie varianten. De financiĆ«le gevolgen worden verwerkt in de Kadernota.

Op het terrein van afvalbeheer zijn nationaal en internationaal grote veranderingen gaande. Beleid en wetgeving vanuit Europa en het Rijk zijn er op gericht duurzaam afvalbeheer te stimuleren. Voor Haarlem betekent dit dat in 2015 minimaal 45% van al het huishoudelijk afval gescheiden moet worden. Momenteel scheiden Haarlemmers 37 % van het afval. Gemeenten die de doelstelling niet halen, worden geconfronteerd met een korting op de vergoedingen die zij ontvangen voor het inzamelen van gescheiden afval.

Van de drie varianten kent de eerste variant extra ondergrondse containers bij hoog- en laagbouw voor de stromen papier, glas, textiel en kunststof bij zowel de hoogbouw als de laagbouw. Variant twee biedt extra ondergrondse containers en een rolcontainer voor de laagbouw. Deze variant maakt onderscheid in de aanpak voor hoog- en laagbouw. Bij de laagbouw wordt het groente, fruit en tuinafval (GFT) al bij veel woningen aan huis ingezameld. Laagbouwwoningen die over een GFT rolcontainer (kunnen) beschikken, ontvangen ook een rolcontainer voor kunststof. De laatste variant gaat uit van extra ondergrondse containers en twee rolcontainers in de laagbouw, voor plastic én papier.

Rob van Doorn